Als het echt lekker moet zijn

Vind ons op Facebook

Nieuws

06/05/13
Opening van de nieuwe zaak.


04/05/13
Geslaagde receptie van de nieuwe zaak.

't Vlietje

Op de Ijzerenleen, dit langwerpig plein was vroeger de vismarkt. In het midden van het plein liep de vliet die verbonden was met de Dijle. De vliet werd overwelfd in de 19de eeuw, maar de gotische leuningen uit de 16de eeuw hebben het plein zijn naam gegeven. De visfonteintjes herdenken de vroegere functie van het plein.

't vlietje, de naam

Een vliet is een al dan niet natuurlijke en dan soms gekanaliseerde kleine waterloop, waarvan Mechelen tot het begin van de 20e eeuw doorspekt was.  

Geschiedenis

De eerste stadskern van Mechelen is ontstaan op de hoge oever van de Dijle en gegroeid in de Frankische Tijd, gelegen op het kruispunt van belangrijke handelswegen (oude heirbanen) en een waterweg langs de rivier. De lage oever van de Dijle was een moerassig gebied met vele eilandjes, gescheiden door geulen die, na indijking en versterking, vlietjes genoemd werden. Hoewel vaak geplaagd door overstromingen, verplaatste het centrum van Mechelen zich, vanaf de 10e eeuw, toch geleidelijk naar de benedenstad. De historische stadskern telde tot goed honderd jaar geleden nog vele schilderachtige bruggetjes over de talrijke rechte en kronkelende vlietjes. 


Die charme ging echter verloren. Door de industrialisering en de sterke toename van de bevolking in de 19e eeuw waren de vlietjes open riolen geworden en een bron van epidemieën. Uit protest tegen een gemeenteraadsbeslissing uit 1893 die vele vlietjes uit het straatbeeld ging doen verdwijnen, schilderde de Mechelse kunstenaar Alfred Ost een reeks afbeeldingen bij elkaar. In het begin van de 20e eeuw werden grote werken ondernomen. Vele vlietjes werden voorzien van rioolbuizen en daarna gedempt, anderen werden overwelfd. De binnenstad werd omzeild via een kanaal zodat tussen het vanaf 2 juni 1907 omgeleid stuk, sinds de 6e van die maand stroomop- en stroomafwaartse sluizen op de Dijle, overstromingen voorkomen. Aldus verzekerde burgemeester Frans Broers dat Mechelen gevrijwaard bleef van wateroverlast. Een flink jaartje later besliste de gemeenteraad tot dempen van het laatste vlietje.

Sindsdien is Mechelen niet langer één van de Venetiës van het Noorden. Van de overbodig geworden Melaanvliet behield men slechts 't Groen Waterke, en van langsom herinnerden steeds minder overgebleven stukjes leuning nog aan de Mechelse vlieten.  

Momenteel heeft Mechelen naast het Groen Waterke opnieuw open vlietwater in de binnenstad aan de Melaan met een gereconstrueerde Minderbroedersbrug en aan de Heergracht, en daarbuiten nog steeds de Vrouwvliet .

Eermalige vlieten

Gracht - Greppe - Heergracht - Hellevliet/Duivelsvliet - IJzerenleen - Klem - Koolvliet - Oude en Nieuwe Melaan - Verversvliet - Vleeshouwersvliet - Vuilgracht - Zandvliet


Bron : http://mechelen.mapt.be/wiki/Vliet